Dossieropdracht 8 – interviews over proefwerken en toetsen deeltijd alternatief
a) Lees opdracht 8a. Je mag, als je geen werkplek hebt, voor dossieropdracht 8a een medestudent met ervaring als wiskundedocent en met een andere bevoegdheid vragen voor een interview. Verwerk deze opdracht op je blog.
Geef je mening over de volgende uitspraken en vergelijk je mening met die van je medestudenten.
Ik heb Ellen Balemans gevraagd om antwoord te geven op deze stellingen.
1. Wil je vak serieus genomen worden door de leerlingen dan moet je er als leraar voor zorgen, dat het aantal onvoldoendes voor je vak niet al te klein is.
Ellen: Daar ben ik het niet mee eens, als leerlingen er hard voor werken en ze
beheersen de stof, verdienen ze een voldoende. Als je een klas met
hardwerkende leerlingen hebt, zouden er dan toch een aantal een
onvoldoende moeten halen. Dit zou niet terecht zijn.
Als ze altijd allemaal voldoende scoren klopt het ook niet, er moet dan
waarschijnlijk iets aan het niveau van de toetsen gedaan worden.
Wouter: Ik deel de mening van Ellen, het kan zijn dat de leerlingen erg hard hun best doen en dat je als leerkracht de leerlingen goed kunt motiveren. Als ze dan (bijna) allemaal een voldoende halen is dat een prestatie waar je allemaal trots op kunt zijn. Als iedereen allemaal voldoendes haalt dan klopt dit lijkt mij niet, dan lijkt mij het inderdaad een goed idee om de toetsen iets moeilijker te maken.
2. Rapporten en cijfers zijn machtinstrumenten in handen van docenten.
Ellen: Een beetje wel, maar er zijn ook leerlingen die het niet uitmaakt wat voor
punten ze halen.
Wouter: Ik merk in mijn eigen klas dat leerlingen erg gemotiveerd zijn als er cijfers te verdienen zijn. Wat dat betreft kun je het wel gebruiken als machtinstrumenten. Het is de taak van de docenten om hier goed mee om te gaan. Je moet leerlingen laten zien dat ze het niet alleen voor het cijfer doen maar ook voor hun toekomst bijvoorbeeld.
3. Verbale rapporten geven een beter inzicht in de geleverde prestaties van de leerlingen dan cijfers.
Ellen: Ik denk dat het een combinatie moet zijn. Alleen punten zeggen niet alles.
Voor een 5 kan hard gewerkt zijn, terwijl er toch maar een 5 staat. Het is fijn als je dat dan kan toelichten. Om helemaal geen punten te geven heeft ook niet zoveel nut, ouders willen toch graag een punt weten, ze gaan het dan zelf omrekenen (een v is een 6, rv is een 7, enz.)
Wouter: Cijfers zijn wat mij betreft onmisbaar. Wel is het zo dat je leerlingen en ouders uit kan leggen hoe de cijfers tot stand zijn gekomen. Ouders moeten de gelegenheid krijgen om te kunnen reageren. Dit kan bij mij op school altijd na elk rapport. Mocht een leerling het niet goed doen dan kun je tijdens een gesprek aangeven hoe dit komt.
4. Cijfers dienen uit sociaal-pedagogisch overwegingen afgeschaft te worden, daar ze onder de leerlingen een ongezonde competitiegeest te scheppen.
Ellen: Het moet niet te extreem worden, maar dat leerlingen willen presteren, is alleen maar fijn. Je moet het als docent wel relativeren.
Wouter: Het is niet verkeerd om cijfers te geven vind ik. Als leerlingen hier op een goede manier een competitie van maken is dit niet zo erg denk ik. Bij mij in de klas krijgen de leerlingen die het goed doen een applaus als ik hun cijfers op lees. Dit vind ik heel motiverend. Als ik een toets heb nagekeken roep ik de leerlingen die het niet goed hebben gedaan bij me en neem de toets met ze door. Ik vraag hun ook waarom ze een onvoldoende hebben. Hierna vertel ik de cijfers aan de klas, behalve van de leerlingen die hun cijfer dan al weten. De leerlingen die boven verwachting hebben gescoord geef ik een extra compliment.
5. Een leraar die met zijn manier van cijfers geven het prestatiebeeld laat ontstaan van: 25 procent slecht, 50 procent middelmaat en 25 procent goed hanteert het cijfersysteem op de juiste wijze.
Ellen: Met examens wordt het inderdaad zo gedaan, maar wij bepalen van te voren de norm, dan kom je dus niet uit op dit beeld. Maar dat wil ook zeggen dat de cijfers niet hetzelfde betekenen. Als je een zwakke klas hebt die op dat beeld uit moet komen, zou een leerling die de stof daar niet helemaal beheerst, toch op hetzelfde cijfer kunnen uitkomen, als een leerling in een sterke klas, die de stof wel helemaal beheerst. Dit zou ik erg raar vinden.
Wouter: Ik ben niet bekend met het normeren op de manier die hierboven beschreven staat in de stelling. Zoals Ellen het verteld hoe het met examens gaat begrijp ik wel en dit vind ik ook wel redelijk. Maar ik kan ook goed inkomen in het voorbeeld wat Ellen daaronder aanhaalt. Dit zou ik ook raar vinden. Ik ben benieuwd hoe het op mijn toekomstige school gaat.
6. De enige reden om cijfers te handhaven is het feit, dat ze gemakkelijk te administreren en te verwerken zijn.
Ellen: Ze zijn inderdaad het makkelijkste te administreren, maar het is niet de enige reden. Je kunt er ook een niveau mee aangeven, of ze het beheersen. Het
kan ook een beloning zijn.
Wouter: Cijfers zijn erg handig om te kijken op welk niveau een leerling zich bevindt. Het geeft een redelijk betrouwbaar overzicht. Voor leerlingen, leerkrachten en ouders lijkt me dit niet meer weg te denken.
7. Cijfers zijn als motivatiemiddel onmisbaar.
Ellen: Ja, als leerlingen ergens geen punt voor krijgen, zijn ze minder gemotiveerd, als wanneer ze er wel een punt voor krijgen.
Wouter: Ik merk het op mijn school dat leerlingen gemotiveerder zijn als ze ergens een cijfer voor krijgen. Niet alles hoeft een cijfer te krijgen maar leerlingen zijn wel gewend om voor alles beoordeeld te worden.
b) Lees opdracht 8b. voer stageopdracht 70 uit `Geerlings´ uit (blz. 382). Voor dossieropdracht 8b voer je een gesprek met een aantal (minimaal 4) leerlingen van 12 tot 16 jaar: Eigen kinderen, buurtkinderen, neefjes en nichtjes zijn hierbij allemaal geschikte informatiebronnen. Verwerk deze opdracht op je blog.
Opdracht: interview een aantal leerlingen over het gebruik van cijfers en de effecten ervan op het leergedrag. Schenk onder meer aandacht aan de volgende aspecten:
|
|
Elvira H.
|
Fatima I.
|
Jasmina Z.
|
Foroezan H.
|
|
Hebben onvoldoendes een motiverend of juist een demotiverend effect?
|
Bij Elvira is het zo dat ze juist extra haar best gaat doen als ze een onvoldoende heeft gehaald.
|
Volgende keer wil ze het dan beter doen.
|
Jasmina is gemotiveerd om de volgende keer een hoger cijfer te halen.
|
Als ze een onvoldoende haalt wil ze de keer daarna nog beter haar best gaan doen.
|
|
Kunnen ze goed inschatten hoe ze een toets hebben gemaakt?
|
Elvira verwacht soms een hoger cijfer. Vaak klopt het wel met haar verwachtingen. Ze kan het goed inschatten.
|
Soms verwacht Fatima dat ze een voldoende haalt maar dat is dan niet zo. Ze kan het niet altijd goed inschatten.
|
Meestal denkt Jasmina dat ze een zware onvoldoende haalt maar dit valt vaak wel mee.
|
Als Foroezan geleerd heeft haalt ze een hoog cijfer, als ze niet geleerd heeft haalt ze een laag cijfer. Het klopt eigenlijk altijd.
|
|
Leidt het gebruik van cijfers tot concurrentie in de klas?
|
Voor Elvira geldt er geen competitiestrijd.
|
Ze vindt het knap van de andere die een hoog cijfer halen. Ze wil dit zelf dan ook maar ze maakt er geen competitie van.
|
Het maakt Jasmina niet uit welke cijfers andere kinderen halen.
|
Ze houdt zich bezig met haar eigen cijfers. De rest maakt haar niet zo veel uit.
|
|
Wordt een leerling die altijd zijn best doet en hoge cijfers haalt, geaccepteerd of is dat een ´uitslover´?
|
Als de persoon die hoge cijfers haalt normaal reageert, vindt ze het knap. Doet de persoon overdreven, dan vindt ze hem een uitslover.
|
Ze vindt het knap want dan heeft deze persoon zijn of haar best gedaan.
|
Jasmina vindt het juist knap als iemand veel leert en hoge cijfers haalt.
|
Ze vindt het knap als iemand hoge cijfers haalt.
|
|
Word je door de leerkracht aangesproken indien je een zware onvoldoende haalt?
|
Elvira haalt geen onvoldoendes.
|
Ja, de leerkracht vraagt dan of ze het heeft geleerd.
|
Als Jasmina een paar keer een onvoldoende haalt vraagt de meester hoe dit komt.
|
Foroezan wordt er soms wel op aangesproken door haar leerkracht.
|
|
Hoe reageren je ouders op behaalde cijfers?
|
Als Elvira het goed heeft gedaan dan krijgt ze een kleinigheidje. Doet ze het niet goed dan zegt haar vader dat het beter kan.
|
Ze vragen altijd of ze het heeft geleerd. Als dit niet het geval is dan zeggen ze dat ze straf krijgt als ze het de volgende keer ook niet leert.
|
Bij een onvoldoende zegt haar moeder dat ze beter haar best moet doen, bij een voldoende of een heel hoog cijfer zegt ze dat Jasmina goed haar best heeft gedaan.
|
Bij een hoger cijfer vindt haar moeder het goed van haar. Bij een laag cijfer zegt ze dat ze beter haar best moet doen.
|
Samenvattend:
Hebben onvoldoendes een motiverend of juist een demotiverend effect?
Voor alle ondervraagde leerlingen geldt dat ze na een onvoldoende te hebben gehaald beter hun best gaan doen voor de volgende toets.
Kunnen ze goed inschatten hoe ze een toets hebben gemaakt?
Hier hebben de leerlingen verschillend gereageerd. Sommige kunnen het goed inschatten, sommige niet.
Leidt het gebruik van cijfers tot concurrentie in de klas?
Nee, deze leerlingen zijn blij als andere kinderen een goed cijfer hebben. En ze zijn vooral met zichzelf bezig.
Wordt een leerling die altijd zijn best doet en hoge cijfers haalt, geaccepteerd of is dat een ´uitslover´?
Hierin zijn de kinderen eensgezind. Doet iemand goed zijn best en haalt deze persoon een hoog cijfer, dan vinden ze dit knap.
Word je door de leerkracht aangesproken indien je een zware onvoldoende haalt?
Drie van de vier worden door hun leerkracht aangesproken als ze één of meerder onvoldoendes halen. Eén haalt nooit onvoldoendes..
Hoe reageren je ouders op behaalde cijfers?
Alle vier de ondervraagde kinderen zeggen dat hun ouders blij zijn met een voldoende en bij een onvoldoende vinden ze dat hun kind harder moet leren.
Wouter Fondse